Auteur Kathy Beckers-Mansell (1968) is rouwtherapeut.

Kathy heeft een omvangrijk onderzoeksproject opgezet waarin zij de beleving van rouw bij zesendertig ouders van zeer jong gestorven baby s heeft onderzocht. Aan het project werkten ouders mee die, in verschillende tijdvakken van de afgelopen veertig jaren en ten gevolge van uiteenlopende doodsoorzaken, een kind van zes maanden of jonger verloren.

boek Kind van de toekomst

Roze, blauwe, grauwe wolken…

Wolken drijven langs haar blikveld, roze, blauw, grauw. Ze zoekt in de witte plukken naar vormen die ze kan duiden. Het vrije spel van de wind gunt haar weinig grip. Haar hand gaat langs haar buik, het wonderlijk huis waar het leven ontspringt, waar ze haar kinderen weet. In die tedere ruimte groeit de een naar de wereld toe, terwijl voor de ander de cirkel van het leven zich al heeft gesloten. Zij denkt aan wat nodig is, om haar dochter te verwelkomen én om haar zoon uitgeleide uit het leven te doen. De tweeling zal niet met elkaar opgroeien. Ze heeft gehoord dat ze zal bevallen van een levend en een overleden kind. Pas als het levend kindje buiten de baarmoeder levensvatbaar is en de bevalling ingezet kan worden, zal ook het overleden kind geboren worden. Roze en blauwe wolken, roze en grauwe wolken.

Ik hoor het aan, een verhaal van verscheuring, waarmee een jonge vrouw voort moet. Nog maar één bedje uitzoeken; de kinderwagen, niet meer een dubbele, maar een enkele. Intussen nadenken of zij het kindje wil zien, hoe zij de uitvaart wil vormgeven. Het is verlies dat niet gezien kan worden, want haar groeiende buik straalt de wereld tegemoet. Zij wordt gezien als een moeder in een roze wolk, maar haar wolken hebben verschillende kleuren. Ze zijn roze, blauw en grauw. Op haar hoede is zij om de kleuren niet te laten doorlopen, want dan wordt alles grauw.

Het grauwe ontneemt soms de kleur aan haar bestaan, zoals toen gebeurde wat bijna niet te geloven is. Toch is het echt gebeurd. Iemand vroeg haar hoe het ging, hoorde haar verhaal en zei tegen haar: dat scheelt weer, dan hoef je er maar één op te voeden. Ze huilde en liep weg. Ze rechtte daarna weer haar rug, leeft haar leven verder, met de vreugde die er is én met het verdriet dat er óók is. Ze is in afwachting van de dag dat ze haar kinderen mag schenken aan onze wereld, de een voor een paar dagen tot hij zal worden teruggegeven aan de aarde, de ander voor hopelijk een zeer lang leven lang.

Ik druk haar op het hart: elk leven is betekenisvol. Haar eigen leven, als een bron van het bestaan; een bron waar tweemaal tegelijk leven is geschapen. Haar dochtertje zal naar verwachting intense vreugde brengen in het leven. Haar zoontje is eveneens van betekenis. Zijn korte leventje in de buik, heeft invloed op zijn moeder, op zijn vader, op het zusje met wie hij het ontstaan deelt. Hij heeft invloed op hun leven, maar hoe precies zal pas later duidelijk worden. In elk geval is liefde hierin de roze, blauwe en grauwe draad.

Kathy Beckers-Mansell